Uit het warme bad

Door Andrea Kluitmann

beeld Instagram Rijneveld met foto van Rineke Dijkstra

Toen ik veertien was, stukjes voor de schoolkrant schreef en mijn opstellen altijd in de smaak vielen, wilde ik journaliste worden. Nog steeds vind ik het een fascinerend beroep. Waarschijnlijk zei ik daarom meteen ja toen ik werd gevraagd om voor het Duitse weekblad Die Zeit te tolken bij een interview met Marieke Lucas Rijneveld. Deze week, precies op tijd voor de Frankfurter Buchmesse, brengt het blad een uitgebreid portret van de auteur, met daarbij foto’s van niemand minder dan Rineke Dijkstra.

Journaliste Ilka Piepgras en ik waren zenuwachtig, maar volgens Ilka hoorde dat er gewoon bij en zou de adrenaline ons zelfs helpen.

Toch vroeg ik me weer eens af waarom ik dit soort klussen aanneem en niet gewoon thuisblijf. Ook na bijna dertig jaar in het vak vertaal ik nog steeds met ontzettend veel plezier; ik zit veilig in een warm bad en geniet van wat ik doe, elke dag weer. Dat is met alle andere werkzaamheden anders. Die zijn zonder meer leuk en interessant, en ik geloof ook dat ze je tot een soort ‘vertaler-plus’ maken, iemand die veel weet over de wereld waarin zij/hij werkt, en dat heeft een toegevoegde waarde. Ik ben graag adviseur, jurylid, redacteur bij VertaalVerhaal of mede-organisator van de Vertalersgeluktournee. Hierdoor blijf ik op de hoogte, hoor ik wat lezers bezighoudt, spreek ik met recensenten, auteurs, collega’s, uitgevers en boekhandelaren. Mijn werk staat beslist niet los van het gehele uitgeefvak.

Maar als vertaler-plus moet ik dus uit dat warme bad stappen, en dat terwijl ik genoeg werk heb om er steeds weer heet water bij te doen. Bovendien bereid ik me altijd krankzinnig goed voor, wat natuurlijk te veel tijd kost. Voor deze tolkklus had ik beide romans van de auteur gelezen, zowel in het origineel als in de bekroonde Duitse vertaling van Helga van Beuningen. En veel gedichten, uiteraard. Ik heb elke snipper van elke publicatie over Marieke Lucas Rijneveld doorgeplozen die beschikbaar was in Nederland, Vlaanderen en Groot-Brittannië. Zelfs voor het verschrikkelijke programma Boerderij van Dorst hield mijn obsessie geen halt. De auteur was er samen met Eva Jinek te gast en het holle, harde gelach van Raven en Eva galmt nu nog door mijn hoofd. Het moet een mengsel zijn van angst en belangstelling dat me hiertoe drijft.

Hoe dan ook, op een druilerige zaterdagochtend zat ik met Ilka Piepgras en Marieke Lucas Rijneveld in een kantoorruimte op een industrieterrein naast het stadion van FC Utrecht (daar zit de hoofdvestiging van VBK Publishers) en trad op als tolk. In een vorig leven heb ik dat vaker gedaan. Mijn gedachten gingen terug naar de metalen wc zonder bril van een gevangenis in Deventer waar ik tolkte voor iemand die van belastingontduiking voor zijn bordeel werd verdacht. Maar het uiteindelijke doel was om hem voor mensenhandel te vervolgen. Dat wist ik, en hij wist het ook. Hij wist ook dat ik het wist, en ik zag dat hij elk woord van de ondervragers prima verstond en dat het mijn functie was om hem tijdwinst te verschaffen.

Maar erg lang dacht ik niet hieraan, want tolken is een van de meest intensieve bezigheden die er zijn, en misschien wel nóg meer onderschat dan vertalen. Meestal kun je me na een half uurtje al opdweilen. Het gesprek met Marieke Lucas duurde twee uur, maar het was zo interessant en prettig dat het ook energie gaf.

Ik ben zeker niet de enige ‘plus-klussende’ vertaler; de afgelopen jaren zag ik tal van collega’s optreden als moderatoren, tolken, recensenten, journalisten, boekendokters en docenten. En onlangs hoorde ik van een Duitse collega dat ze in opdracht van de uitgeverij voor de “Vertreterkonferenz” (voor de vertegenwoordigers) een kort filmpje heeft gemaakt over een door haar vertaalde roman. ‘De vertaler kent het boek beter dan wie dan ook’, zeiden ze. ‘Het is dan ook niet meer dan logisch om vertalers te laten pitchen’.

‘Pitchers’ waren ook actief tijdens de online Publishers Tours, recentelijk georganiseerd door het Nederlands Letterenfonds en Flanders Literature. Vóór corona vonden deze events een aantal keer per jaar live plaats – tien à twaalf buitenlandse uitgevers werden uitgenodigd om in Amsterdam en/of Antwerpen kennis te maken met de Nederlandstalige literatuur en het boekenvak. Ze gingen bij uitgeverijen op bezoek, ontmoeten auteurs, er waren lezingen door experts, en natuurlijk was er ook altijd ruimte om iets van de stad te zien en informeel met elkaar te praten.

De digitale Tours dit jaar waren natuurlijk heel anders, maar ze waren wel onverminderd populair; zowel bij kinder- en jeugdliteratuur, fictie als non-fictie zaten meer dan twintig geïnteresseerde Duitse uitgevers op de Zoom. En er was een belangrijke rol weggelegd voor vertalers: Birgit Erdmann, Rolf Erdorf, Verena Kiefer en ik pitchten respectievelijk prentenboeken, kinderboeken, non-fictie voor kinderen en romans. Lotte Hammond hield aan de hand van enkele titels een voordracht over postkoloniale non-fictie in de Nederlandse en Vlaamse letteren.

Springhaver

Na het plusklussen ben je doorgaans uitgeput, maar ook blij en voldaan.

Ilka en ik gingen nog wat nabespreken in de buurt van de prachtige Oudegracht. Het ouderwetse bioscoopje waar we terechtkwamen – een tip van een stel dat ik op straat had aangesproken, iets wat ik normaal nooit zou doen – en onze uitgelaten stemming vleiden zich als een zachte badjas om me heen.

Springhaver

20-10-2021 in weblog

Over Andrea Kluitmann

Andrea KluitmannAndrea Kluitmann (1966) werd geboren in Duitsland en studeerde Duitse taal- en letterkunde in Bochum en Amsterdam. Ze vertaalt romans, toneelstukken, graphic novels en filmscenario’s. Verder is ze voorzitter van Stichting VertaalVerhaal, mede-organisator van de jaarlijkse Vertalersgeluktournee en werkt ze als taaltrainer Duits voor auteurs en andere mensen uit de culturele sector. Ze geeft workshops en lezingen over spreken in het openbaar, vertalen en literatuur. Vanaf najaar 2020 schrijft ze regelmatig een column over het Vertalershuis Amsterdam.


Vertalershuis

Vertalershuis

Het Vertalershuis (foto Gerhard Jaeger)

In het Amsterdamse Vertalershuis kunnen vertalers van Nederlandse literatuur wonen en werken, bij voorkeur voor een periode van één of twee maanden.

The Translators’ House in Amsterdam welcomes translators from Dutch into any language, who want to improve or maintain their language skills and their knowledge of Dutch culture. More information...

Adres

Van Breestraat 19
1071 ZE Amsterdam
t. +31 20 470 97 40
f. +31 20 470 97 41
e. vertalershuis@letterenfonds.nl

RECIT

Het Vertalershuis Amsterdam is lid van het RECIT-netwerk van vertalershuizen. Meer informatie vindt u op www.re-cit.org.